Golden Girl Cosy Coon's Loyal Canny
ofwel The Godmother

Door Corrie Meyer
Cattery van de
Mafiosocats

Mijn naam is Cosy Coon's Loyal Canny. Op 5 juli 1986 werd ik in Zaandam geboren - samen met mijn zusjes Lovable Cissy, Easy Charisma, mijn broers Silver Charley en Lord Camelot - in het huis van Jelle en Lida Vegt. Sinds kort ben ik een "Golden Girl" en omdat daar best aandacht aan mag worden besteed, volgt hieronder mijn levensverhaal.

Ik was een zeer gewenst kitten. Lang voor mijn geboorte had mijn nieuwe baasje al aangekondigd dat zij op de wachtlijst wilde voor een zilver poesje uit een nest van IC Lussekattan Arvid en CH Baslatan's Merlana. Toen het verlossende telefoontje van onze geboorte kwam, was ze niet meer te houden. Na vier weken wachten, mocht ze eindelijk op bezoek komen. In hoog tempo reed ze naar Zaandam. "Eerst maar een kopje koffie zeker" sprak Lida. Ze durfde niet onbeleefd te zijn, dus koffie dan maar. Intussen gluurde ze zenuwachtig om zich heen, waar waren die kittens nou toch! "Nog een kopje koffie?" Hemel, ze kwam toch voor de kittens, hield dat mens nooit op met die koffie. Beleefdheidshalve weer een kopje geaccepteerd. "Misschien een glaasje fris?" Ze hield het niet langer. "Eh, tja, eh, mag ik misschien eerst de kittens zien?" Een minuut later hing ze boven onze doos: Oh jee, 2 zilver poesjes, welke moest ze nou kiezen? Met Charisma moest geshowed, dat zag ze toen nog niet zitten, Cissy gaf een klein blaasje, maar ik toonde meteen mijn leiderscapaciteiten door wan-kelend op haar af te strompelen waarna ik gedecideerd in haar hand plaats nam. Verbluft staarde ze me aan. "Je bent zwart gestreept, ik wil zilver!" mompelde ze. Ze kon echter niet om haar motto "kiezen doe je met je hart" heen, dus werd ik, Cosy Coon's Loyal Canny, zwart gestreept met witte poes, de stammoeder van de Mafioso-dynasty. Niet dat dat er toen al inzat hoor. Ik mocht maar één keer een nestje en dan zou ik gesteriliseerd worden. Na nog acht eindeloze weken, onderbroken door telefoontjes en bezoekjes, kon ze mij ophalen. Nog maar net in huis besloot ik de rangorde vast te stellen. Ondanks boze kreten vloog ik razendsnel langs het linnenstruktuurbehang omhoog. Toen ik zag dat er gegeten moest worden, kwam ik naar beneden. Kip!! Met één sprong zat ik op tafel, zette grommend mijn scherpe kittentandjes in een kippenbout en verdween er mee onder de tafel. "We zijn in de klauwen van de Mafia gevallen" riep het vrouwtje wanhopig uit en zo ontstond onze Catterynaam: "Maine Coon Cattery van de Mafiosocats". Verder betekent het ook nog dat je, net als bij de Maffia, nooit meer van ons loskomt, maar dan wel als levenslange vriend.

Toen ik anderhalf jaar oud was, vond het vrouwtje de tijd gekomen voor mijn eerste (en enige, hi, hi) nest. Er werd een afspraak gemaakt bij Lida op de sexboerderij. Ik kwam binnen en werd in de badkamer gezet. Zo ging dat vroeger, niets verwennerij met speciale verblijven, nee, gewoon de badkamer. Nadat ik één en ander had geïnspecteerd kwamen Jelle en Lida binnen met Int.Ch. The River Why El Fuego. Die kende ik nog uit mijn kittentijd. Een grote rooie rakker, die al diverse malen vader was geworden. Vriendelijk miauwend kwam hij op me af. "Hallo kleintje, ken je me nog? Jij bent een lekker ding geworden!" Wat een brutaliteit, ik moest die ouwe vent niet. "Ga weg, ouwe smeerlap" siste ik en in plaats van beleefd terug te groeten, wierp ik me met uitgestoken klauwen op hem. Ik misdroeg me vreselijk. Het was dat Lida me zelf gefokt had, anders was ik misschien wel in het weiland tussen de koeien gezet.
Fuego had zich inmiddels hijgend van angst achter het bad verstopt. "Weg jij" klonk het streng en even later zat ik diep beledigd alleen in een kamertje. De volgende dag mocht ik het nog eens proberen. Fuego zat al weer (of nog steeds) bibberend in een hoekje, maar tot ieders stomme verbazing wandelde ik heupwiegend naar hem toe. Het ijs was gebroken. Niet voor lang echter, want na één dekking vond ik het welletjes en probeerde ik hem weer onder de tegels te schoffelen. Eenmaal terug in Bennebroek begon het aftellen. Eindelijk, na negen weken, werd ik moeder van 5 schildpad dochters: Charlie, Rednose, Hummel, Thomasina en Coco. Er mocht er maar één blijven, dat was Hummel, ze werd meteen ingepikt door Marjolein, de dochter des huizes. Thomasina echter dacht daar anders over. Van het begin af aan ontpopte zij zich als een kleine vrijkous (slijmbal noemde ik haar). Hum en ik als echte Coons maakten zelf uit wanneer wij geknuffeld wilden worden, maar als het vrouwtje in de buurt van onze box kwam, wriemelde Thomie zich piepend in haar handen.Misselijk makend!
En hoewel Hummie en ik het er helemaal niet mee eens waren, ook zij mocht blijven. Dit zou dus definitief het einde worden van "één nestje en nooit meer", want zowel Hummel als Thomie mochten een keertje naar de kater.
Het fokvirus had toegeslagen! Na een jaar mocht ik nog een keertje terug naar Fuego. Toen ik binnenkwam trof ik twee schrikachtige mensen en een bibberende kater aan. "Daar heb je Canny de Mepper weer" hoorde ik mompelen. Dit keer gedroeg ik me voorbeeldig en negen weken later was ik vier zwart gemarmerde/gestreepte katers rijker. Het vrouwtje was inmiddels zo thuis geraakt in de genetica dat ze niet eens onder de staarten hoefde te kijken om te zien of het jongens of meisjes waren. "Zwart gemarmerd/gestreept uit deze combinatie, dat kunnen alleen katers zijn" sprak ze geleerd.

Inmiddels begon het hier aardig vol te raken. Want behalve Hummel en Thomasina, was ook Thomas (zoon van Hummel) gebleven: Jack de Ripper, Mistral, Nousjka, Chinook, Savannah, er kwam geen eind aan en die meiden bleven maar nestjes krijgen. Vooral mijn dochter Thomasina was niet te stuiten. Het begon me knap te vervelen, al dat kleine tuig dat steeds "oma, oma" riep, in mijn staart hapte en om mijn nek hing, walgelijk! Toen Marjolein dan ook een eigen huis kreeg en aanstalten maakte om met Hummel te vertrekken, ging ik doelbewust in haar koffer zitten, haar zo duidelijk makend dat Hummie niet zonder mij kon. "Eén kat is geen kat" zuchtte ze, dus ik verhuisde mee.

Bij Marjolein kreeg ik nog vier kittens: drie jongens en één meisje. Toen mijn baby's één week oud waren, gebeurde er iets vreselijks. Hummel, die duidelijk had aangegeven geen moeder meer te willen worden, werd gesteriliseerd. Eenmaal weer thuis, werd ze heel ziek. Ze ging in een hoekje liggen en wilde niet meer eten of drinken. Steeds ging ik bij haar zitten, likte zachtjes haar kop en fluisterde "kom op wijffie, laat je moeder nou niet alleen!" Hummel wendde haar kopje af en zakte steeds dieper weg. Toen kreeg Marjolein een slim idee. Ze pakte mijn dochter Gipsy en legde haar bij Hummel. Gips begon te piepen terwijl zij ijverig naar melk zocht. Hummel reageerde niet. Het gepiep werd harder. Opeens leek Hummel wakker te schrikken. Ze keek verbaasd naar het lawaaiige kitten en begon het te likken. Met kitten en al werd ze bij mij in de doos gelegd. Actief ingrijpen was geboden. Ik greep Charleyboy, Tibert en Maestro in hun nekvel en smeet hen boven op Hum. Dit werd haar redding. Vanaf dat moment leefde ze helemaal op, ze begon zelfs melk te produceren zodat mijn kinderen vanaf dat moment twee moeders hadden.
Het werd mijn laatste nest. Ik was inmiddels zes jaar oud, het was mooi geweest.

Hummel (ook al weer acht) en ik genieten nu van onze rust. Dutje, hapje, wandelingetje, zonnen in de ren en natuurlijk.....met ijzeren poot regeren over mijn kleindochter Bertha en de twee huiskatten: Lapje en de 11 kilo zware Jaap. Wie zegt dat Maine Coons het grootste/zwaarste kattenras zijn?

Momenteel ben ik stammoeder van 131 Mafiosocats om maar niet te spreken van mijn nakomelingen met een andere catterynaam. Dat ik zo'n uitgebreid nageslacht zou krijgen hadden noch het vrouwtje, noch ik tien jaar geleden gedacht.

Laatst ontmoette ik mijn betbetachterkleindochter Suzuki, 5e generatie Mafiosocat en hoewel ik niet meer zo dol ben op dat kleine spul, moet ik toegeven dat het een schatje is. Sprekend haar overgrootmoeder Hummel. Met die kleine komt het wel goed. Aan haar kan ik met een gerust hart de toekomst van mijn dynasty overdragen.

Cosy Coon's Loyal Canny, stammoeder van de Mafiosocats.

Naar boven

Copyright © 2010 Rasclub Maine Coon (Disclaimer)

Sluit venster