PKD
samenvatting door Anneke Kuys, namens de werkgroep Fok & Advies

PKD is een afkorting van Polycystic Kidney Disease, een erfelijke afwijking die bestaat uit cysten in de nieren. Cysten zijn met vocht gevulde blaasjes. De afmeting hiervan kan variëren van minder dan 1 mm tot 1 cm. Naarmate deze blaasjes groeien zullen zij het functioneren van de nieren bemoeilijken en uiteindelijk leiden tot chronisch nierfalen. In de meeste gevallen treedt dit op als de kat de leeftijd van ca. 7 jaar bereikt heeft, maar veel vroeger is ook mogelijk. In het geval dat dit ontdekt wordt bij een fokkat van 7 jaar oud kan dit betekenen dat er al een aanzienlijk aantal (getroffen) nakomelingen zijn.

Symptomen kunnen zijn:

Er zijn geen medicijnen voor PKD en de behandeling bestaat eigenlijk alleen uit een aangepast dieet om de nieren zoveel mogelijk te sparen.

De diagnose PKD wordt gesteld door middel van een echografisch onderzoek van de nieren. Als richtlijn wordt aangehouden om dit vanaf de leeftijd van 10 maanden te doen (sommige specialisten raden aan vanaf één jaar), dus voordat de kat voor de fok wordt ingezet. Op deze leeftijd is de betrouwbaarheid van deze test 98%. Belangrijk hierbij is dat dit onderzoek gedaan wordt door ervaren specialisten met de juiste apparatuur, daarom kan dit onderzoek niet worden uitgevoerd door uw eigen dierenarts.
Zie voor adressen van deze specialisten de lijst die gepubliceerd is bij het artikel Hypertrofische Cardiomyopathie in It's Coontime! van herfst 2002. Het onderzoek wordt ook op dezelfde wijze uitgevoerd en vaak gecombineerd. Een aantal specialisten hanteren dan ook een gereduceerd tarief indien u deze onderzoeken combineert.

Bekend is dat deze afwijking veelvuldig voorkomt bij Perzen en bij rassen waarbij voor de ontwikkeling van dit ras Perzen gebruikt zijn zoals Burmilla's, Exotics en Brits Kortharen. Bij andere rassen komt deze afwijking duidelijk minder voor maar daarvan zijn er ook minder getest.
Bij de start van de fok van Maine Coons is gebruik gemaakt van katten van onbekende afkomst. Daarnaast fokten verschillende van de fokkers die zich ingezet hebben voor de erkenning van de Maine Coon zelf ook Perzen. Die zagen er toen heel anders uit als nu! Niet ondenkbaar is dat er destijds ook bewust of onbewust kruisingen tussen Perzen en Maine Coons zijn geweest.
In de Maine Coon database die bij gehouden wordt door Ulrika Olson en Astrid Straver zijn inmiddels 7 gevallen bekend van Maine Coons met PKD. Dit lijkt op zich een klein aantal, maar er worden nog maar weinig Maine Coons getest op PKD en niet alle positieve resultaten worden bij deze database gemeld. Het opvallende aan deze genoemde groep is dat de betrokken dieren niet of nauwelijks verwant zijn. PKD vererft autosomaal dominant. Dit betekent dat een kat deze afwijking al kan krijgen indien dit door één van de ouderdieren wordt vererfd en dat het niet uitmaakt of dit de vader of de moeder is. De 7 genoemde katten hebben dus in ieder geval een ouder die PKD heeft en een van de ouders daarvan ook weer etc. PKD is dus veel meer verspreid onder Maine Coons dan men op het eerste gezicht zou denken.
Gelukkig is het wel mogelijk om PKD te elimineren door:

1-uitsluitend te fokken met katten die op PKD getest zijn. De kinderen hiervan moeten wel opnieuw op PKD getest worden, omdat de betrouwbaarheid van de test van de ouders immers geen 100% was.
Oorzaken voor een positief kitten uit geteste ouders kunnen zijn dat
2-een positief ouderdier uitsluitend te kruisen met een getest negatief ouderdier.
Uit de kinderen daarvan houdt u een fokdier aan, dat op de leeftijd van 10 maanden (één jaar) getest wordt met negatief resultaat, waarna het ouderdier gecastreerd kan worden. Nadeel hiervan is natuurlijk dat uit deze combinatie ook positieve dieren kunnen komen. De NKFV heeft voor deze methode een speciaal fokbeleid ontwikkelt voor rassen uit de risicogroepen ( Perzen of rassen met Perzische afkomst). Dit beleid behelst, naast verplichte testen, voorschriften voor verkoopcontracten voor de mogelijk positieve dieren uit een dergelijke combinatie, met name voor de financiële consequenties hiervan. Het is natuurlijk niet de bedoeling dat u zo'n combinatie eindeloos herhaalt, maar bij voorkeur éénmaal en zodra dit resulteert in een negatieve opvolger van het positieve ouderdier, dit ouderdier laat helpen om verder leed te voorkomen. Inmiddels zijn er ook al verenigingen overgegaan om op de stamboom te vermelden dat de kat PKDnegatief getest is, omdat dit in tegenstelling tot de HCMtest geen momentopname is maar een definitieve uitslag. Belangrijk is dat op de testuitslag tevens het chipnummer van de kat wordt vermeld, zodat onomstotelijk vast staat welke kat het betreft.

Bronvermelding:
Feline Advisory Bureau Information Sheet: Polycystic Kidney Disease
CFA Health Committee: Autosomal Dominant Polycystic Kidney Disease in Persian Cats
Polycystic Kidney Disease (P.K.D.) door A.M.W. Moolenaar uit Kattenwereld 5-2002

Naar boven

Copyright © 2010 Rasclub Maine Coon (Disclaimer)

Sluit venster